Concept Diary | Emma van Meel | Stereotyperen

Concept Diary

Inleiding

Mijn interesse voor stereotypen bestaat al vrij lang; vanaf jongs af aan hield ik mij hier onbewust al mee bezig. Natuurlijk maakt iedereen gebruik van stereotyperingen om denkwijzen te versnellen en te versimpelen (Aronson et al., 2014). Het houdt mij bezig dat stereotyperingen een negatieve invloed kunnen hebben op mensen, bijvoorbeeld door middel van discriminatie. Ik heb zelf niet met discriminatie te maken en heb daarom besloten om te kijken met welke stereotyperingen ik zelf krijg te maken. Ik heb veel plezier in mijn opleiding en praat hier graag over met mijn vrienden. Alleen krijg ik vaak te horen dat hun opleiding moeilijker is, omdat ik een creatieve opleiding doe. Ook waren in eerste instantie mijn ouders geen voorstander van het kiezen van het profiel ‘C&M’, dit pakket stond namelijk bekend als pretpakket. Uiteindelijk heb ik toch C&M mogen kiezen, maar ik moest dan wel economie en wiskunde in het pakket nemen.

Scope, definitie en context

De hoofdvraag:

Hoe kan ik ervoor zorgen dat er minder stereotyperingen zijn rondom creatieve beroepen/ opleidingen?’

Ik begon met het doen van verschillende onderzoeken. Zo heb ik bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar stereotyperen zelf en de negatieve en positieve effecten daarvan. Zo heb ik kunnen concluderen dat stereotyperen handig kan zijn om men te waarschuwen, zo weet je bijvoorbeeld dat als je een tijger ziet dat je moet rennen! Als je niet zou stereotyperen dan worden je zintuigen overladen met informatie (van der Wolk, 2012). Ondanks dat er dus ook positieve kanten zijn bij het stereotyperen, zijn er vooral veel negatieve kanten van stereotyperen. Een stereotype is een generalisatie over een groep mensen, waarin bepaalde karaktereigenschappen zijn toegewijd aan alle mensen uit die groep los van de actuele verschillen van leden van de groep (Aronson et al., 2014). Doordat je een hele groep generaliseert (en dus niet naar eigenschappen kijkt van de leden los van de groep) kan een gevolg zijn dat je de individuele leden discrimineert. Men maakt stereotypes op basis van fysieke, mentale of beroepsmatige kenmerken (Aronson et al., 2014).

 

Ik wil in dit geval onderzoek doen naar stereotyperingen op beroepsmatige basis. En dan met name op het gebied van creatieve beroepen of opleidingen. De doelgroep die ik wil aanspreken bestaat eigenlijk voornamelijk uit 2 leeftijdsgroepen. Ten eerste wil ik de studenten aanspreken, ik wil dat zij zonder het in de weg zitten van stereotyperingen een opleiding kunnen kiezen. Ook wil ik dat zij anderen niet zullen vooroordelen op hun opleiding keuze. De andere leeftijdsgroep bestaat uit ouders met kinderen, ik wil dat zij hun kinderen niet beïnvloeden in het maken van een studiekeuze.

 

Methode en aanpak

Om de deelvragen (en uiteindelijk de hoofdvraag) te kunnen beantwoorden zal ik onderzoek doen op verschillende methoden uit het CMD Methods Pack. Ik zal beginnen met het verzamelen van zoveel mogelijk informatie door middel van deskresearch. Vervolgens zal ik door middel van een survey informatie proberen te vergaren bij de doelgroep over stereotyperen. Ten slotte zal ik een interview houden met de doelgroep om de stereotyperingen over creatieve beroepen/ opleidingen in beeld te krijgen. Als ik een beeld heb van de stereotyperingen over creatieve beroepen/ opleidingen zal ik deze proberen te ontkrachten (HAN University of Applied Sciences & Amsterdam University of Applied Sciences, z.d.).

Op het begin van dit project heb ik mij voornamelijk verdiept in het stereotyperen zelf. Ik heb verschillende experimenten gedaan waar verschillende vormen van stereotyperen te zien zijn. Deze experimenten zijn hieronder te zien:

Figuur 1: Poster voor pitch stereotypering

In figuur 1 is de door mij gemaakte poster te zien voor de pitch. Op de poster is te zien dat ik toen van plan was om een spel te creëren met als onderwerp discriminatie. Met spel leek mij een goed idee, want door het gebruik van spellen kun je mensen doelgericht kennis en vaardigheden aanleren. Ook zorgt een spel ervoor dat een bepaalde activiteit als meer uitdagend en leuk wordt gezien (Peeters, 2018). Echter bleek dat er al veel bestaande spellen/ onderzoeken zijn gedaan door middel van spel en discriminatie. Ook is het niet iets wat bij mij speelt of waar ik last van heb.

Uitvoering en experimenten

Figuur 3: Schetsen van verschillende experimenten.
Figuur 2: Schets van experiment ‘Welkom in het leven van een Pool’.

In figuur 2 zie je ook verschillende schetsen waarin stereotyperen wordt behandeld. Links zie je een tekening van een cheerleader en van een ‘nerd’, hieronder heb ik vragen/ opdrachten gezet als ‘teken een cheerleader’. Men heeft vaak een bepaald beeld als je ‘cheerleader’ zegt, dit beeld is een stereotypering. Ik wilde hier dus expres op stereotyperingen inspelen.

Linksonder in het hoekje (figuur 2) zie je dat ik twee stiften heb getekend een met een lichte huidskleur tint en een met een donkere huidskleur tint (bruin). Hieronder heb ik de vraag gesteld ‘Wil je mij de huidskleur stift aangeven?’.

Rechtsboven (figuur 2) zie je dat ik een man heb getekend met een Marokkaanse afkomst en een man met een Nederlandse afkomst. Onder deze tekeningen heb ik de vragen gezet ‘Wie mag voor jou werken?’ ‘Wie is liever?’, etc.

Deze experimenten zijn alle drie al uitgevoerd, dus hier heb ik het dan ook bij gelaten.

In figuur 3 heb ik een Pool getekend volgens wat de stereotypen zeggen. Ik wilde een video maken waarin je deze Pool zag lopen, maar vervolgens wilde ik laten zien hoe deze Pool echt was. Ik wilde de stereotypering ontkrachten door te laten zien dat hij bijvoorbeeld een arts was. Ik vond het idee niet goed/relevant genoeg om mee door te gaan.

In figuur 4 zie je een experiment waar ik mensen vroeg om hunzelf te omschrijven. Deze omschrijvingen mochten van alles zijn. Ik heb iedereen gekoppeld met iemand anders en gevraagd of ze hun persoon wilde natekenen door de omschrijving die is gegeven. De personen kenden elkaar niet. Ze moesten dus expres anderen stereotyperen. Als ik de respondenten vervolgens de foto’s stuurde van hoe de ander er echt uit zag kwamen er vaak reacties als ‘oh, fascinerend’.

Figuur 4: Experiment ‘Natekenen door middel van omschrijvingen’.

Ook heb ik een video gemaakt waar ik mensen expres in een hokje plaats, deze is te vinden door te klikken op de volgende linkje:

https://youtu.be/kmz73NTRRdg

Figuur 5: Moodboard ‘In hokjes denken’.

In figuur 6 zie je dat ik heb geëxperimenteerd met het bekijken van een afbeelding/ situatie zonder te stereotyperen. Vervolgens zie je in figuur 7 wat je ingeving zou zeggen doordat je wel kan stereotyperen, de verschillen liggen dus naast elkaar hier.

In figuur 8 zie je een experiment waarin ik respondenten heb gevraagd om een bepaalde afbeelding te bekijken en te omschrijven wat ze zagen, maar ze mochten niet stereotyperen.

Figuur 8: Experiment ‘Niet stereotyperen’.

In de figuren 9 t/m 13 zie je dat ik verschillende schetsen heb gemaakt van schermen voor een interactieve game. Mijn idee was om door middel van een interactieve game men te laten zien dat stereotyperingen over creatieve opleidingen onjuist zijn.

Figuur 13: Schets ‘Interactieve game’.
Figuur 12: Schets ‘Interactieve game’.
Figuur 11: Schets ‘Interactieve game’.
Figuur 9: Schets ‘Interactieve game’.
Figuur 10: Schets ‘Interactieve game’.

In de figuren 14 t/m 19 zie je verschillende schetsen voor mogelijke eindproducten.

Figuur 14: Schets ‘Wereld met allen economen’ & ‘Wereld met alleen creatievelingen’
Figuur 15: Schets ‘Baankans’.
Figuur 19: Storyboard schets ‘Rijk vs Arm’.
Figuur 16: Storyboard schets ‘Emma in haar natuurlijke habitat’.
Figuur 17: Storyboard schets ‘Interview met Emma’.
Figuur 18: Storyboard schets ‘Het leven van een creatieveling/ CMD’er’.

Online survey

Figuur 20: Vraag 1 en 2 uit de online survey
Figuur 21: Vraag 3 uit de online survey
Figuur 22: Vragen 4 en 5 uit de online survey
Figuur 23: Vragen 6 en 7 uit de online survey
Figuur 24: Vragen 8 en 9 uit de online survey
Figuur 25: Vraag 10 uit de online survey
Figuur 26: Vraag 11 uit de online survey

Deskresearch

Hieronder zie je verschillende foto’s/ video’s die mij inspiratie hebben gegeven in het doen van experimenten.

 

Interviews

Ik heb aan mensen uit mijn omgeving vragen gesteld over hun mening wat betreft creatieve beroepen/ opleidingen. Het interview is te vinden in de figuren 30, 31 & 32.


Ook heb ik interviews gehouden met klasgenoten, die dus ook een creatieve opleiding doen. Dit interview is te vinden in de figuren 33, 34 & 35.

Evaluatie en conclusie

Wat ik heb geleerd van seminar is dat je zoveel mogelijk moet schetsen, deze hoeven niet mooi te zijn. Ik heb gemerkt dat ik weinig schetste, maar dat ik al gelijk aan de slag ben gegaan. Dit resulteerde tot heel veel verschillende computerbestandjes en losse notities met brainstorm ideeën. Ik heb dus ook meer orde nodig.

Over het onderwerp stereotyperen ben ik meer te weten gekomen, ik dacht nooit zo uitgebreid na over stereotyperen namelijk. Zo heb ik bijvoorbeeld geleerd dat er ook positieve kanten zijn aan stereotyperen. Ook merk ik nu sneller op als ik zelf aan het stereotyperen ben.

De toekomst van…

Uiteindelijk hoop ik, als toekomstige CMD-professional, dat ik anderen kan laten stoppen/minderen met stereotyperen op gebied van creatieve beroepen/ opleidingen. Door dit te bereiken hoop ik dat men sneller zal kiezen voor een creatief beroep/ opleiding. Ook hoop ik dat het doen van een creatief beroep/ opleiding meer wordt geaccepteerd door anderen. Ik wil men laten zien hoe tof een creatieve baan/ opleiding is.

Bronnenlijst

DixonFuller2011. (2012, 8 februari). Doll Test. YouTube. https://www.youtube.com/watch?v=tkpUyB2xgTM

CMD Methods Pack: Find a combination of research methods that suit your needs. HAN University of Applied Sciences – Amsterdam University of Applied Sciences, the Netherlands. ISBN/EAN: 9990002057946. https://cmdmethods.nl.

Peeters, W. (2018, 27 februari). Wat is Gamification? Vernieuwenderwijs.https://www.vernieuwenderwijs.nl/wat-is-gamification/

Sire. (z.d.). 2002 – De maatschappij. Dat ben jij.4. Geraadpleegd 24 september 2020, van https://sire.nl/campagnes/de-maatschappij-dat-ben-jij-4/

 

SoulPancake. (2018, 8 februari). What Assumptions Do Kids Make About Each Other? | Reverse Assumptions. YouTube. https://www.youtube.com/watch?v=iDcWB3seS0w

Van der Wolk, R. (2012, 18 december). De Voordelen en Nadelen van Aannames. Robert van der Wolk. https://robertvanderwolk.nl/aannames/

Aronson, E., Wilson, T. D., & Akert, R. M. (2014). Social Psychology (8ste editie). CPI UK, Engeland. ISBN: 987-1-78399-575-2.

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *